Posts tonen met het label Omgaan met. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Omgaan met. Alle posts tonen

zondag 20 oktober 2013

Wonderkinderen - Het raadsel van extreme begaafdheid

juni 2005
door Dagmar van der Neut

Mozart schreef zijn eerste composities op zijn vijfde; ’s werelds jongste schaakgrootmeester was dertien. Gedrild door strenge ouders? Of is er een andere verklaring voor hun uitzonderlijke talent?

Toen Gregory Smith vijf jaar oud was, redeneerde hij: ‘De kerstman bestaat niet. Alle boeken over hem staan in de bibliotheek immers bij fictie.’ Nu, tien jaar later, studeert hij aan de Universiteit van Virginia. Met zijn bachelorsdiploma al op zak wil hij promoveren in de wiskunde, biomedische wetenschappen, lucht- en ruimtevaarttechniek en internationale betrekkingen. Het geniale joch, dat als baby van drie maanden al begon met praten, bereidt zich voor om over twintig jaar president van de Verenigde Staten te worden. Terwijl zijn leeftijdgenoten met hun ouders in de clinch liggen over zakgeld, houdt Greg voordrachten over kinderrechten en wereldvrede. Hij kreeg al drie nominaties voor de Nobelprijs voor de Vrede.

Gregory Smith is zonder twijfel een heel bijzondere jongen; het woord ‘wonderkind’ lijkt voor hem te zijn uitgevonden. Maar er zijn meer kinderen die opvallen door buitengewone talenten, ongewone prestaties of uitzonderlijke intelligentie. Zo werd er begin dit jaar in Engeland een driejarige lid van hoogbegaafdenclub Mensa, speelde een andere peuter van die leeftijd voor het oog van duizenden mensen viool mee met André Rieu, en werd de toen 13-jarige Noor Magnus Carlsen een jaar geleden de jongste schaakgrootmeester ooit. Wat hebben deze wonderkinderen met elkaar gemeen en waarom kunnen ze meer dan andere kinderen?

Vroegwijs
Wonderkinderen zijn vaak hoogbegaafd, dat wil zeggen: ze hebben een iq van boven de 130. Ongeveer 2,5 procent van de bevolking is hoogbegaafd. Uit verschillende onderzoeken naar wonderkinderen blijkt dat hun iq meestal ergens tussen de 120 en de 200+ ligt.

Een begaafd kind heeft een ontwikkelingsvoorsprong, het kan dingen eerder dan zijn leeftijdsgenootjes. Een wonderkind is daar een extreme versie van: het is zo begaafd dat het al voor zijn tiende levensjaar in elk geval op één terrein prestaties levert op het niveau van een goed presterende volwassene. Onderzoeken laten zien dat wonderkinderen echter niet per se hoogbegaafd hoeven te zijn. Hoewel voor sommige talenten cognitieve vaardigheden belangrijk zijn, zoals bij schaken, gaat bijvoorbeeld muzikaliteit of schildertalent niet altijd samen met een hoog iq.

Waaraan kun je een supergetalenteerd kind herkennen? Vroeg praten en lezen zijn misschien wel de beste voorspellers van begaafdheid, volgens ontwikkelingspsychologe Ellen Winner, onderzoeker aan Harvard en de universiteit van Boston. Uit een onderzoek bleek bijvoorbeeld dat kinderen met een iq van 160 en hoger gemiddeld hun eerste betekenisvolle woord (meer dan ‘mama’ en ‘papa’) spraken toen ze bijna negen maanden oud waren. Uit een ander onderzoek bleek dat 80 procent van de kinderen met een iq van 180 al kon lezen toen ze vier jaar oud waren. Er zijn altijd extremen binnen de extremen. Een voorbeeldje uit de wetenschappelijke literatuur spreekt van een acht maanden oude baby die ‘kleine jongen’ riep, toen hij zijn eigen schaduw op de muur zag. De baby sprak in zinnen toen hij elf maanden was.

Verbale vaardigheden zijn echter lang niet altijd een goede voorspeller van genialiteit: men dacht aanvankelijk dat Einstein zwakbegaafd was omdat hij nog nauwelijks kon praten toen hij drie jaar oud was. En soms maken hoogbegaafden juist sprongen in hun ontwikkeling; het blijft lang stil, maar dan opeens kunnen ze het, zonder te hebben geoefend zoals anderen.

Begaafde kinderen gaan sneller vooruit dan andere kinderen. Ze leren ook anders. Vaak leren ze zichzelf dingen aan, ze vinden zelf regels uit en bedenken nieuwe, creatieve manieren om problemen op te lossen. Eleonoor van Gerven, hoofdredacteur van het tijdschrift Talent, geeft scholen advies in het omgaan met hoogbegaafde kinderen. ‘Leren is voor hoogbegaafde kinderen hetzelfde als het al kunnen, maar het toevallig nog nooit eerder gedaan hebben. Alles wat deze kinderen aanraken, verandert in goud. Ze zouden in principe overal goed in kunnen worden.’

Uitzonderlijk begaafde kinderen lopen ook motorisch gezien voor op hun leeftijdsgenootjes. Lopen, staan, fijne motoriek: begaafde kinderen zijn er allemaal eerder mee en beter in. Een extreem voorbeeld is Emma. Ze begon – op eigen aandringen – met paardrijlessen toen ze 14 maanden was. Vier maanden later won ze de tweede prijs in een wedstrijd tegen kinderen tussen de drie en zeven jaar oud.

Begaafde kinderen zijn snel van begrip, hebben vaak een goed gevoel voor humor, een onstilbare nieuwsgierigheid en daarbij behorend explorerend gedrag (zoals experimenteren en vragen stellen). Ook hebben ze een uitzonderlijk goed geheugen. Zo kende het schaakwondertje Magnus Carlsen op zijn vijfde bijvoorbeeld van alle landen de oppervlaktes, inwoneraantallen, vlaggen en hoofdsteden uit zijn hoofd.

Er zijn begaafde kinderen die op heel veel terreinen vroegrijp zijn, maar hun ‘voorlijkheid’ kan zich ook op een specifiek domein openbaren, aldus Ellen Winner. Zoals bij Jennifer Capriati, die al als 14-jarige in de halve finale van Roland Garros stond.

Succesfactoren

De Canadese onderzoeker Françoys Gagné bedacht een model dat de ontwikkeling van supertalentjes in kaart brengt. Alles begint volgens Gagné met de aangeboren mogelijkheden van een kind. Maar of een talentje daadwerkelijk uitgroeit tot een wonderkind, wordt bepaald door andere eigenschappen: motivatie, doorzettingsvermogen, concentratievermogen en doelbewustheid. De persoonlijkheid van het kind is heel belangrijk. Kan het zich makkelijk aanpassen, heeft het zelfvertrouwen, zijn er psychische problemen die een talent in de weg staan of juist faciliteren? Lichamelijke handicaps?

Naast allerlei persoonlijke eigenschappen is ook een flinke portie geluk van belang, stelt Françoys Gagné. Al is het maar het geluk op te groeien in een milieu dat stimuleert: een muzikaal genie zal zijn talent moeilijk kunnen ontplooien als het nooit een instrument in handen krijgt, omdat daar geen geld voor is. En soms zijn toevallige gebeurtenissen en ontmoetingen heel bepalend in het ontwikkelingsproces. De gouden combinatie van aangeboren talent, persoonlijkheid, motivatie, de juiste omstandigheden en hier en daar wat geluk, maakt dat een jong talentje kan uitgroeien tot een wonderkind.

Met uitzonderlijk getalenteerde kinderen is toch meestal ook wel iets mis, wil het vooroordeel. Klopt dat? De eerste uitgebreide studie naar begaafdheid werd gedaan door de Amerikaanse psycholoog Lewis Terman. Hij rekruteerde in 1921 vijftienhonderd jonge kinderen met een gemiddeld iq van 151 en volgde ze door de jaren heen. In 1996 werden de laatste vragenlijsten verstuurd, die nog door 264 mensen werden teruggestuurd. Een van de opvallendste resultaten uit dit levenswerk is dat hoogbegaafde kinderen niet alleen buitengewoon intelligent zijn, maar ook lichamelijk en sociaal zeer goed ontwikkeld. Het vooroordeel dat superslimme kinderen op andere terreinen achterlopen, klopt dus niet.

Lianne Hoogeveen van het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek: ‘De groep hoogbegaafden met een andere stoornis, zoals adhd of autisme, is klein. Kinderen die cognitief hoogbegaafd zijn, zijn meestal ook sociaal hoogbegaafd.

Begaafde kinderen zijn wel afwijkend van de norm. Ze hebben een andere manier van reageren doordat ze voorlopen. Een normale kleuter pakt iets af van een ander kind, een hoogbegaafde kleuter vraagt: “Mag ik over vijf minuten?— Dat wordt dus niet begrepen. Een kleuter die boeken leest waar zijn leeftijdsgenoten pas jaren later aan toe zijn, krijgt een andere belevingswereld. Omdat ze geen aansluiting vinden bij andere kinderen, kunnen ze zich gaan terugtrekken.

Jongetjes worden uit frustratie vaak lastig voor hun omgeving, meisjes maken het zichzelf lastig: ze proberen zich aan te passen, trekken zich terug en worden ongelukkig. Gedrag dat de omgeving interpreteert als autistisch of asociaal, kan in werkelijkheid voortkomen uit verveling en zich onbegrepen voelen.’

Het wonderkind als volwassene
Begaafdheid als kind biedt geen garantie op succes in het latere leven. De meeste proefpersonen uit het onderzoek van Terman werden gerespecteerde professionals, maar er zat niet één creatief genie tussen. Psychologen ontdekten dat maatschappelijk succes niet werd bepaald door de hoeveelheid talent, maar in veel sterkere mate door motivatie, zelfvertrouwen, doorzettingsvermogen en de steun van school en ouders.

Veel begaafde kinderen komen in een crisis in hun puberteit. Als jongvolwassenen moeten ze de stap zetten van technische perfectie naar creativiteit. Alleen wonderkinderen die zichzelf kunnen vernieuwen, zullen hun status kunnen behouden als ze volwassen zijn, zegt deskundige Ellen Winner. Een kind dat Mozart net zo goed speelt als haar leraar, roept verbazing en bewondering op. Maar als dit kind op zijn twintigste niets nieuws heeft toegevoegd – geen dieper begrip laat zien of nieuwe interpretatie kan geven – dan verliezen we onze interesse.

De vaardigheid van een wonderkind is namelijk niet dezelfde als die van een creatief genie. Een extreem begaafd kind krijgt supersnel en gemakkelijk een terrein onder de knie. Maar een schepper is iemand die het terrein verandert. Uit een onderzoek naar zeven creatieve genieën bleek dat een bepaalde spanning nodig is om boven de wonderkindstatus uit te groeien. Een genie is rusteloos, rebels en niet tevreden met de status-quo. Hij bezit talent dat net iets afwijkt van wat er maatschappelijk gewaardeerd wordt. Mozart deed als wonderkind precies wat het establishment prachtig vond, maar omdat hij later stukken componeerde die conventies doorbraken en die men destijds schokkend vond, vinden wij hem een genie.

Creatieve genieën hebben vaker dan gemiddeld een ongelukkige jeugd gehad. Emotionele problemen in het gezin, financiële problemen en tragische gebeurtenissen komen vaker voor bij zowel wetenschappelijke als literaire en kunstzinnige toppers. Begaafde leiders en beroemde ‘scheppers’ verloren bijvoorbeeld opvallend vaak een of beide ouders toen ze nog jong waren. Hoewel begaafdheid dus juist eerder voorkomt in stabiele gezinnen en hogere sociale klassen, lijkt genialiteit, met name in creatieve beroepen, juist gestimuleerd door een minder gelukkige achtergrond.

Dat kan een aantal redenen hebben. Traumatische gebeurtenissen kunnen ervoor zorgen dat kinderen minder geneigd zijn ‘standaard’ te denken, en zich te conformeren aan sociale normen en verwachtingen. Ten tweede zou het bereiken van roem, status en rijkdom een middel kunnen zijn om de emotionele littekens te compenseren. En ten derde zouden traumatische ervaringen het kind kunnen harden en daardoor bestand maken tegen tegenslagen en teleurstellingen. Een kind dat gewend is met nare situaties om te gaan, blijft misschien een vechter.

En juist doorzettingsvermogen bepaalt of een supertalentje als volwassene de top zal bereiken. Er zijn vele verhalen van superslimme kindjes die op de middelbare school of op de universiteit opeens niets meer presteren. Lianne Hoogeveen van het Centrum voor begaafdheidsonderzoek: ‘Een begaafd kind is gewend dat alles vanzelf gaat. Maar als je nog nooit Frans hebt gehoord, dan kun je geen Frans. Er komt een punt dat ook een hoogbegaafd kind iets moet doen.’ Onderwijsadviseur Van Gerven: ‘Als je altijd beneden je niveau hebt moeten presteren, neemt de motivatie af. Hoogbegaafde kinderen worden heel vaak gedwongen op hun hurken te lopen. Dan kunnen ze eindelijk naar de universiteit, en denken: “Nu gaat het gebeuren,— en dan zien ze tijdens het college dat de professor de stof zelf niet eens goed heeft begrepen. Die permanente teleurstelling maakt dat zeer getalenteerde mensen soms helemaal afhaken.’

Volgens Van Gerven kiezen veel begaafde kinderen er zelf voor om – soms tijdelijk – een stap terug te doen. ‘In de puberteit worden andere dingen ook belangrijk. Als je altijd voorloopt, loop je ook veel alleen. Veel kinderen kiezen er op een gegeven moment voor om wat minder hard te lopen, maar daardoor ook minder alleen te lopen.’

Floor Sietsma (13) uit Amstelveen is de jongste Nederlandse studente in de geschiedenis. Ze begon op haar twaalfde met wiskunde én informatica aan de Universiteit van Amsterdam. Op school was ze diep ongelukkig: ze verveelde zich ‘kapot’ en ze werd gepest. Floor is licht autistisch. Spelen met andere kinderen vind ze ‘echt stom’. Op de universiteit is ze eindelijk op haar plek. Haar IQ ligt boven de 156 (hoger gaan de Europese tests niet). Als ze op haar zestiende twee studies heeft afgerond, wil ze misschien eerst op wereldreis. ‘Lekker op vakantie met een hele berg wiskundepuzzels.’

Remy van Kesteren (15) begon op zijn zesde met harpspelen. Op zijn tiende werd hij aangenomen op de jong talent-afdeling van het Utrechtse conservatorium. Hij won diverse prijzen, en speelde in de New Yorkse Carnegie Hall en bij de doop van prinses Amalia. Nu zit hij in de vierde klas van het gymnasium.

Hoe ben je begonnen?
‘Toen ik vijf was, werd ik verliefd op de klank en de vorm van de harp. Ik wist meteen dat dat was wat ik wilde. Toen ik uitgeleerd was op de muziekschool, heeft mijn docente me doorgestuurd naar het conservatorium.’

Wanneer besefte je dat je een groot talent hebt?
‘Talent, talent… Ik vind niet dat ik een groot talent heb. Ik heb het geluk dat het wel goed gaat. Maar ik heb niet het idee dat ik geniaal ben of zo.’

Heb je nog andere talenten?
‘Nou ja, talenten, ik doe wel veel naast school. Ik organiseer feesten, schrijf voor de schoolkrant, doe leerlingbegeleiding. Ik deed ook stijldansen en capoeira, dat ging ook allemaal wel goed. O ja, en ik ben samen met een vriend bezig met een boek. Over het communisme. Het is wel wat complex hoor, het gaat heel ver.’

Hoe zie je de toekomst?
‘Een heel goede Russische harpiste zei laatst tegen me dat het erg mooi was wat ik deed. Dat ik zeg maar gebakken zou zitten… als ik wat minder lui zou zijn. Dat was echt een omslag. Ik studeer nu drie uur per dag. Ik wil er echt mijn toekomst van maken.’

www.psychologiemagazine.nl




vrijdag 28 december 2012

10 tips: opvoeding van hoogbegaafde meisjes

Deze tips richten zich op het stimuleren van excellentie en zelfverzekerdheid. Ouders moeten positief blijven in de omgang met hun dochters. De tips gelden specifiek voor meisjes.

  1. Wees een coach en geen rechter. Een coach moedigt aan, heeft hoge verwachtingen, prijst, levert kritiek en geeft grenzen aan. Kinderen accepteren coaching omdat ze er vanuit gaan dat coaches een verbond met hen hebben en in hetzelfde team werken.
  2. Benadruk intelligentie, hard werken, onafhankelijkheid, gevoeligheid en volharding. Verzwak het belang van uiterlijk. Relaties die gebaseerd zijn op uiterlijk gaan langzaam teloor net als het mooie uiterlijk. Relaties die gebaseerd zijn op gemeenschappelijke interesses en waarden hebben meer potentie.
  3. Heb hoge verwachtingen van je dochters (alsook van je zonen). Stimuleer een zo hoog mogelijke opleiding. Weinig hoogbegaafde meisjes eindigen als vooraanstaande vrouwen (lees het artikel Hoogbegaafde meisjes, vooraanstaande vrouwen).
  4. Moedig een gezonde competitiedrang aan. Moedig vreugde van het winnen aan, maar laat ze niet altijd winnen. Winnen bouwt vertrouwen, verliezen bouwt karakter.
  5. Zet je dochters niet onder druk om zich sociaal aan te passen. Veel meisjes voelen zich anders tijdens adolescentie. Help hen zich op hun gemak te voelen met hun verschillen en probeer hun energie te richten in de richting van positieve activiteiten zoals muziek, drama, debatteren, wetenschap, sport.
  6. Moedig je dochter aan zich aan te sluiten bij “meidenactiviteiten” zoals een meidengroep voor sport, zingen e.d.
  7. Moedig het lezen van verhalen over succesvolle vrouwen aan (biografieën). Deze vrouwen kunnen inspirerend zijn voor je dochter. Help je dochter zich goed te voelen over goede scores in exacte vakken. Als ze jong zijn, leer ze ruimtelijke vaardigheden met puzzels, spellen en bouwactiviteiten.
  8. Laat de geboortevolgorde niet in de weg komen, maar geef elke dochter de mogelijkheden om leiderschap en verantwoordelijkheid te ervaren.
  9. Ga weleens alleen op reis met je dochter (moeder-dochter of vader-dochter). Moedig op het voortgezet onderwijs reizen met groepen aan. Reizen zorgt voor een geest van avontuur, verrijking, gezinsbinding en zelfvertrouwen.
  10. Wees een actief rolmodel door zelf verder te leren en je eigen carrière verder te ontwikkelen. Vergeet niet, hoe druk je het ook hebt, om tijd te reserveren om dagelijks met je dochter te praten en te luisteren.

Bron: S. Rimm – Young Scholar Seminar, 2002

Eerder gepubliceerd en copyright: http://www.ieku.nl/

Je kunt ook het artikel lezen Hoogbegaafde meisjes, vooraanstaande vrouwen.

dinsdag 27 november 2012

Uitdaging!

Een hoogbegaafd kind in je klas ? Maak er een uitdaging van!

Het gedrag van leerlingen wordt door het schoolproces beïnvloed. Leerkrachten kunnen hoogbegaafde kinderen zoveel bieden als ze kennis hebben van deze kinderen. Een goede begeleiding is essentieel ,materialen zodat het kind zich cognitief en ook sociaal emotionele zijn kwaliteiten kan ontplooien. Het (hoog)begaafde kind is op zeer jonge leeftijd in staat om verschillende soorten emoties of gevoelens te onderscheiden Een grote mate van sociaal inzicht te tonen en kan de sociale consequenties van zijn handelwijze goed doorzien.

Op het moment dat het kind naar school gaat, kan dit veranderen. Het kan geconfronteerd worden met complexe, emotionele en sociale verwachtingspatronen. De aanpassing begint en er kunnen psychosomatische klachten ontstaan. Het herkennen van hoogbegaafde kinderen is niet altijd even makkelijk. Op jonge leeftijd zijn deze kinderen geïnteresseerd in lezen, rekenen, sterrenkunde, geschiedenis en filosoferen. Bij oudere kinderen wordt het signaleren vaak lastiger. Als een kind eenmaal gaat onderpresteren en niet meer laat zien wat het kan, wordt het ongemotiveerd. Als het hierbij ook nog makkelijke stof aangeboden krijgt zal de concentratie verder bedaren. Hierbij zal het kind in eenvoudige opdrachten fouten maken. Hierdoor kan een leerkracht een ander beeld van het kind krijgen. Dus, hoe meer kennis leerkrachten hebben, hoe eerder de signalering plaats vind en hoe minder problemen er in de emotionele ontwikkeling van het hoogbegaafde kind ontstaan. Door het kind een groep te laten versnellen, extra verrijking en verdieping aan te bieden leert het kind om te leren, structureren en organiseren.

Als het kind te weinig uitdaging krijgt gaat het onderpresteren en komt de emotionele ontwikkeling in de knel. (Leren niet meer om te leren). Ze kunnen het ten slotte niet meer opbrengen om zich in te spannen, en lijken nog weinig kennis te hebben. Door het verkeerde onderwijs is het vuur van de nieuwsgierigheid en de honger naar kennis gedoofd. Een gevolg is dat een kind emotioneel en sociaal beschadigd raakt, waardoor het niet meer kan laten zien wie hij/zij werkelijk is. Het heeft problemen om emoties te uiten en hebben hierdoor moeite met sociale contacten. Het zal zich gaan terug trekken en het denken komt centraal te staan. Terwijl dit te voorkomen is bij een tijdige signalering en een goede begeleiding. Als leerkrachten deze kennis eigen maken zal er zoveel meer begrip voor deze groep kinderen zijn. Een hoogbegaafd kind in je groep ? Maak er een uitdaging van!

Ons kind had een snelle ontwikkeling, ze liep met negen maanden en sprak al volledige zinnen met twee jaar. Eenmaal naar groep 1 veranderde haar gedrag. Binnen vier maanden veranderde ze van een vrolijk meisje in een ongelukkig kind dat zeer agressief uit school thuiskwam. Ze verveelde zich in de groep. Thuis las ze al boekjes en schreef verhalen op, zelfs in de vakantie maakte ze hele rijtjes sommen. Eenmaal in groep 2 werd ze zeer passief en zat met een lege blik in de ogen op de bank als ze uit school kwam. Ze had geen vriendinnen en ze klaagde vaak over hoofdpijn en buikpijn, sliep slecht en zei vaak dat het leven geen zin had. Wij als ouders maakten ons grote zorgen. Wat was er met ons vrolijke meisje gebeurd? We zochten hulp bij de huisarts, onderzoeken volgde. Lichamelijk was er niets aan de hand. Een vriendin die leerkracht was zei dat ze misschien hoogbegaafd zou kunnen zijn. Binnen een maand was onze dochter getest en ze bleek hoogbegaafd te zijn. Ze is toen naar groep 3 overgeplaatst .We zagen onze dochter binnen enkele maanden weer vrolijk worden en haar lichamelijke klachten verdwenen. Ze kreeg ook extra werk in de groep en mocht 1 keer per week naar de plusklas. Ze kreeg vriendinnen en voelde zich gelukkig op school. Inmiddels heeft ze haar HBO gehaald en een leuke baan.

Belangrijker voor ons is dat ze mag zijn wie ze is en emotioneel goed in haar vel zit. Een leuke vriendenkring heeft en gelukkig is. Soms denk ik als die leerkracht toen geen kennis had gehad van hoogbegaafde, hoe zou het dan afgelopen zijn met onze dochter?

Bron: lich.nl





woensdag 21 november 2012

Meervoudige Intelligentie

U wilt kinderen zich breed laten ontwikkelen? Dat kan door een beroep te doen op alle intelligenties! U wilt kinderen met leerproblemen helpen? Dat kan door gebruik te maken van hun sterkst ontwikkelde intelligenties!

De Amerikaanse professor Howard Gardner definieerde onderstaande acht intelligenties:
  • Verbaal-Linguïstische intelligentie (taal: poëzie, spelling, lezen, verhalen)
  • Logisch-Mathematische intelligentie (logisch denken, cijfers, experimenteren)
  • Visueel-Ruimtelijke intelligentie (tekenen, schilderen, architectuur, vormgeven)
  • Muzikaal-Ritmische intelligentie  (muziek luisteren, maken, componeren, herkennen)
  • Lichamelijk-Kinesthetische intelligentie (lichamelijke inspanning, knutselen, toneel, dans)
  • Naturalistische intelligentie  (dieren, planten, verzamelen, ordenen, natuurverschijnselen)
  • Interpersoonlijke intelligentie (zorgen voor mensen, vrienden, leiding geven)
  • Intrapersoonlijke intelligentie (eigen gevoelens, dromen, alleen zijn, fantasieën)

Iedere persoon ontwikkelt zich meestal in een aantal van deze intelligenties sterker dan in de andere. Leerlingen op school zijn dan ook op verschillende manieren 'knap'. Professor Spencer Kagan ontwierp geschikte werkvormen om die intelligenties te kunnen ontwikkelen. Het RPCZ haalde alles naar Nederland en vertaalde de belangrijkste boeken in het Nederlands.

Vanuit Meervoudige intelligentie (MI) vraagt u niet langer: "Hoe knap ben jij?" Maar vraagt u: "Hoe ben jij knap?"




maandag 19 november 2012

Inventarisatie (hoog)begaafdheid & excellentie in het voortgezet onderwijs

Om vo-scholen beter van dienst te kunnen zijn, heeft het Informatiepunt Onderwijs, Hoogbegaafdheid en Excellentie een vragenlijst voor begaafdheids-coördinatoren opgesteld waarmee ze inzicht hopen te krijgen in welk aanbod voor (hoog)begaafde en excellente leerlingen in het voortgezet onderwijs aanwezig is en beter kunnen aansluiten bij de behoeften in het voortgezet onderwijs betreffende het begeleiden van (hoog)begaafde en zeer talentvolle leerlingen. Het informatiepunt stelt het zeer op prijs als u (of uw collega die zich hiermee bezig houdt) aan dit onderzoek wilt meewerken.

Met ingang van 1 januari 2012 is het landelijke Informatiepunt Onderwijs, Hoogbegaafdheid en Excellentie voor het voortgezet onderwijs gevestigd bij SLO, het nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling. Omdat zij graag willen weten hoe het onderwijsveld omgaat met het thema (hoog)begaafdheid en excellentie en aan welke ondersteuning er behoefte is, vragen zij u mee te werken aan een inventarisatieonderzoek.

De vragenlijst bestaat uit 40 vragen. Het invullen ervan duurt maximaal 15 minuten. Bovendien maakt u dan kans op gratis deelname aan de internationale conferentie in 2014 over (hoog)begaafdheid in Nederland. De resultaten van dit onderzoek worden gebruikt om het aanbod af te stemmen op uw wensen en zullen in december 2012 op deze website te lezen zijn.

Klik hier om de vragenlijst in te vullen. Alvast bedankt voor uw bijdrage!


vrijdag 16 november 2012

Hoogbegaafd En Gelukkig

Als je ...

eindeloos leergierig en creatief bent, ver wilt gaan om dingen ten goede te keren, energiek en geconcentreerd kan werken, intens gevoelig bent, in staat om situaties intuïtief aan te voelen en de gevoelens van anderen feilloos te ontcijferen, de lat hoog legt, veel belang hecht aan eerlijkheid, integriteit en authenticiteit, naar perfectionisme neigt en absoluut niet tegen onrecht en vooroordelen kunt.

Als dit je bekend in de oren klinkt, ben jij misschien hoogbegaafd,een gewoon mens met een ongewone visie en aanpak die anders is dan de anderen en daar een leven lang de consequenties van heeft moeten dragen in de vorm van niet aflatende kritiek, onbegrip en afwijzing.

De overgrote meerderheid van hoogbegaafde volwassenen werd als kind nooit als zodanig erkend en weet zelf niet dat ze het zijn.
Ze hebben daarom ook nooit geleerd om goed om te gaan met hun talenten en gaven, en met de kritiek op hun anders-zijn.

Het is echter nooit te laat om de foute input uit het verleden in te wisselen tegen je eigen waarheden, jezelf te accepteren zoals je echt bent, te beseffen dat er opties zijn en te leren om je unieke persoonlijkheid en talenten tot groter geluk van jezelf en je omgeving te gebruiken. Om eindelijk hoogbegaafd én gelukkig te zijn.