Niet alleen bij autisme, maar óók bij hoogbegaafdheid...
Autisme, wat nu..?: Mindfulness bij Autisme: Mindfulness is een in oorsprong oosterse aandachtstraining gericht op zelfacceptatie en het met aandacht leven ‘in het moment’. Trainingen m...
zondag 2 oktober 2011
Een wonder of een total loss...
De "hype" rond het hoogbegaafde kind of "de skepsis rond hoogbegaafdheid..."
Een artikel van: Andrea Hijmans en Harry van den Tweel, free-lance journalisten. Dit artikel verscheen eerder in Publiek Domein, november/december 1996 en Skepter 9(4), december 1996.
Ons land kent een uitgebreide lobby voor de hoogbegaafde medemens. Hoogbegaafdheid geeft allerlei problemen, zo wordt ons verzekerd. Of leidt al die overdreven aandacht juist tot problemen?
Dat Martin een bijzonder kind is, was van meet af aan duidelijk. Al in de wieg spreidde hij een tomeloze energie ten toon. Later koppelde Martin dat aan een niet te stuiten drang tot slopen: hup, daar klom-ie weer uit zijn box - op zoek naar apparaten, stopcontacten, planten en poezen. En dan dat babbelen van Martin. Net als dat lopen: zo vroeg al, en gelijk ook zo goed. Maar helaas, luisteren, ho maar. 'Martin gaat altijd z'n eigen gang,' zeiden z'n ouders. Met zekere trots. Want ze hadden zelf de diagnose al gesteld: hun Martin was hoogbegaafd. Zo'n twee jaar lang kreeg iedere bezoeker dit te horen. Toen werd Martin, geheel in de lijn der verwachtingen, getest. Z'n intellectuele vermogens bleken niet bovenmodaal. De teleurstelling was groot; plotseling werd de waarde van testen ter discussie gesteld.
Een artikel van: Andrea Hijmans en Harry van den Tweel, free-lance journalisten. Dit artikel verscheen eerder in Publiek Domein, november/december 1996 en Skepter 9(4), december 1996.
Ons land kent een uitgebreide lobby voor de hoogbegaafde medemens. Hoogbegaafdheid geeft allerlei problemen, zo wordt ons verzekerd. Of leidt al die overdreven aandacht juist tot problemen?
Dat Martin een bijzonder kind is, was van meet af aan duidelijk. Al in de wieg spreidde hij een tomeloze energie ten toon. Later koppelde Martin dat aan een niet te stuiten drang tot slopen: hup, daar klom-ie weer uit zijn box - op zoek naar apparaten, stopcontacten, planten en poezen. En dan dat babbelen van Martin. Net als dat lopen: zo vroeg al, en gelijk ook zo goed. Maar helaas, luisteren, ho maar. 'Martin gaat altijd z'n eigen gang,' zeiden z'n ouders. Met zekere trots. Want ze hadden zelf de diagnose al gesteld: hun Martin was hoogbegaafd. Zo'n twee jaar lang kreeg iedere bezoeker dit te horen. Toen werd Martin, geheel in de lijn der verwachtingen, getest. Z'n intellectuele vermogens bleken niet bovenmodaal. De teleurstelling was groot; plotseling werd de waarde van testen ter discussie gesteld.
zaterdag 1 oktober 2011
Denken aan Zijn: Mindfulness voor Kinderen
Denken aan Zijn: Mindfulness voor Kinderen: Leren surfen op de golven van het leven…. Niet alleen volwassenen piekeren en hebben last van stress, faalangst of een laag zelfbeeld. Ook...
Zo herken je een hoogbegaafd kind...
Kan je kind met negen maanden al lopen en losse woordjes spreken? Misschien is hij wel hoogbegaafd. Al spreken deskundigen op zo’n jonge leeftijd nog van een ontwikkelingsvoorsprong.
‘Mama, je hebt heerlijk gekookt’, zegt je zoontje van 3. Leuk om te horen, maar toch sta je er als ouder raar van te kijken. Kinderen die op latere leeftijd hoogbegaafd blijken te zijn, hadden meestal na hun eerste levensjaar een ontwikkelingsvoorsprong op hun leeftijdsgenoten, legt Wietske Idema uit. Idema is onderzoeker op het gebied van Onderwijs en Jeugd bij Regioplan (www.regioplan.nl) en freelance auteur voor o.a. het tijdschrift Talent (een tijdschrift over hoogbegaafde kinderen). Een kind met een ontwikkelingsvoorsprong loopt op cognitief, spraak- en taaltechnisch en motorisch voor op zijn leeftijdsgenoten.
Hoogbegaafd versus superintelligent
Zo’n 2 tot 3 % van de mensen in Nederland is hoogbegaafd. Maar wanneer ben je eigenlijk hoogbegaafd? Idema: ‘Mensen halen hoogbegaafdheid en hoge intelligentie nogal eens door elkaar. Je bent superintelligent als je IQ hoger is dan 130. Hoogbegaafdheid behelst meer dan alleen een hoog IQ. Het is een combinatie van drie eigenschappen: een IQ van 130 of hoger, een creatief brein en een flinke dosis doorzettingsvermogen.’
CreativiteitMet een creatief brein wordt niet per se bedoeld dat iemand heel kunstzinnig is, wat wel mogelijk is. Het betekent ook dat je buiten de geijkte kaders kunt denken. Idema: ‘Je ziet vaak dat hoogbegaafde kinderen heel anders omgaan met vraagstukken dan hun leeftijdsgenootjes. 1 + 1 is niet logischerwijs twee, omdat er twee kralen aan het telraam hangen. Zij bedenken andere manieren om 2 getallen op te tellen. Ze bedenken bovendien wat het nut is van optellen en welke mogelijkheden het nog meer biedt. Ten slotte boren ze andere manieren aan om vraagstukken op te lossen.’
Vastberadenheid
Hoogbegaafdheid hangt ook samen met een enorm doorzettingsvermogen en een onuitputtelijke nieuwsgierigheid. Dat wil zeggen dat een hoogbegaafd kind niet zal rusten tot hij bijvoorbeeld een wiskundig vraagstuk heeft opgelost. Maar dit doorzettingsvermogen kan zich ook uiten in muziek, sport of kunst. De combinatie van een hoge intelligentie, een creatieve manier van denken, nieuwsgierigheid en een groot doorzettingsvermogen scheppen de voorwaarden om ergens enorm in uit te blinken. Idema: ‘Dat wil echter niet zeggen dat een hoogbegaafd kind nergens moeite mee kan hebben. Een kind dat briljant piano kan spelen, hoeft niet per se goed te zijn in biologie.’
OntwikkelingsvoorsprongHoogbegaafde kinderen ontwikkelen zich veel sneller dan hun leeftijdsgenoten. Zelfs bij baby’s zijn er al signalen te herkennen van een ontwikkelingsvoorsprong. Idema deed hier onlangs onderzoek naar. Volgens haar bestaan er kenmerken bij baby’s die een indicatie geven van hoogbegaafdheid op latere leeftijd. Maar deze geven geen garantie op hoogbegaafdheid, het zijn slechts indicaties. De kenmerken bij baby’s zijn:
Hoogbegaafd versus superintelligent
Zo’n 2 tot 3 % van de mensen in Nederland is hoogbegaafd. Maar wanneer ben je eigenlijk hoogbegaafd? Idema: ‘Mensen halen hoogbegaafdheid en hoge intelligentie nogal eens door elkaar. Je bent superintelligent als je IQ hoger is dan 130. Hoogbegaafdheid behelst meer dan alleen een hoog IQ. Het is een combinatie van drie eigenschappen: een IQ van 130 of hoger, een creatief brein en een flinke dosis doorzettingsvermogen.’
CreativiteitMet een creatief brein wordt niet per se bedoeld dat iemand heel kunstzinnig is, wat wel mogelijk is. Het betekent ook dat je buiten de geijkte kaders kunt denken. Idema: ‘Je ziet vaak dat hoogbegaafde kinderen heel anders omgaan met vraagstukken dan hun leeftijdsgenootjes. 1 + 1 is niet logischerwijs twee, omdat er twee kralen aan het telraam hangen. Zij bedenken andere manieren om 2 getallen op te tellen. Ze bedenken bovendien wat het nut is van optellen en welke mogelijkheden het nog meer biedt. Ten slotte boren ze andere manieren aan om vraagstukken op te lossen.’
Vastberadenheid
Hoogbegaafdheid hangt ook samen met een enorm doorzettingsvermogen en een onuitputtelijke nieuwsgierigheid. Dat wil zeggen dat een hoogbegaafd kind niet zal rusten tot hij bijvoorbeeld een wiskundig vraagstuk heeft opgelost. Maar dit doorzettingsvermogen kan zich ook uiten in muziek, sport of kunst. De combinatie van een hoge intelligentie, een creatieve manier van denken, nieuwsgierigheid en een groot doorzettingsvermogen scheppen de voorwaarden om ergens enorm in uit te blinken. Idema: ‘Dat wil echter niet zeggen dat een hoogbegaafd kind nergens moeite mee kan hebben. Een kind dat briljant piano kan spelen, hoeft niet per se goed te zijn in biologie.’
OntwikkelingsvoorsprongHoogbegaafde kinderen ontwikkelen zich veel sneller dan hun leeftijdsgenoten. Zelfs bij baby’s zijn er al signalen te herkennen van een ontwikkelingsvoorsprong. Idema deed hier onlangs onderzoek naar. Volgens haar bestaan er kenmerken bij baby’s die een indicatie geven van hoogbegaafdheid op latere leeftijd. Maar deze geven geen garantie op hoogbegaafdheid, het zijn slechts indicaties. De kenmerken bij baby’s zijn:
- Zwaarder bij geboorte
- Groter hoofd
- Maakt sneller oogcontact
- Alerter dan andere baby’s. Reageert sneller op de omgeving.
- Minder slaap nodig hebben dan andere baby’s
- Beweeglijk
- Slaat kruipen vaak over
- Na 8 tot 12 maanden lopen
- Eigen willetje
- Op éénjarige leeftijd twee- of driewoordzinnen spreken
PeuterBij peuters is de ontwikkelingsvoorsprong al iets duidelijker te herkennen. Zo is een hoogbegaafde peuter zeer ondernemend, motorisch erg vaardig en zelfstandig. Daarnaast hebben ze een goede ruimtelijke oriëntatie en ontwikkelen ze snel het begrip voor bijvoorbeeld kleuren, cijfers en hoeveelheden. Idema: ‘Hoogbegaafde peuters snappen al hoe een oorzaak-gevolg relatie werkt. Daarom zullen boekjes en tv-series die voor peuters bedoeld zijn, hen snel vervelen of verontwaardigen. Ze zien al in dat iets niet kanen hoe de vork in de steel steekt. Ze hebben een houding van: ‘Vertel me gewoon hoe het in elkaar zit.’
KleuterIn de kleuterperiode is een hoogbegaafd kind erg leergierig, heeft het een brede belangstelling en een goed geheugen. Een kleuter kan bijvoorbeeld een puzzel van 100 stukjes in een half uurtje maken. Idema: ‘Er bestaan natuurlijk nog veel meer kenmerken waarmee je hoogbegaafdheid bij een jong kind kunt herkennen. Dat maakt het ook zo lastig. Het ene hoogbegaafde kind loopt voor op taalgebied, terwijl de ander motorisch al heel vaardig is. Er bestaat al een test op hoogbegaafdheid voor kinderen vanaf 2,5 die een goede indicatie geeft van het ontwikkelingsniveau van het kind op dat moment. Omdat jonge kinderen steeds in ontwikkeling zijn, kan er in een korte tijd veel veranderen. Vanaf de kleutertijd of vanaf het moment dat je kind naar de basisschool gaat, wordt het belangrijk om hoogbegaafdheid bij je kind te herkennen en te erkennen. Dan gaat de ontwikkelingsvoorsprong zijn parten spelen. Een kind gaat zich vergelijken met leeftijdsgenoten. En de lesstof sluit niet aan op het niveau van het kind. Dit kan tot problemen leiden.’
KleuterIn de kleuterperiode is een hoogbegaafd kind erg leergierig, heeft het een brede belangstelling en een goed geheugen. Een kleuter kan bijvoorbeeld een puzzel van 100 stukjes in een half uurtje maken. Idema: ‘Er bestaan natuurlijk nog veel meer kenmerken waarmee je hoogbegaafdheid bij een jong kind kunt herkennen. Dat maakt het ook zo lastig. Het ene hoogbegaafde kind loopt voor op taalgebied, terwijl de ander motorisch al heel vaardig is. Er bestaat al een test op hoogbegaafdheid voor kinderen vanaf 2,5 die een goede indicatie geeft van het ontwikkelingsniveau van het kind op dat moment. Omdat jonge kinderen steeds in ontwikkeling zijn, kan er in een korte tijd veel veranderen. Vanaf de kleutertijd of vanaf het moment dat je kind naar de basisschool gaat, wordt het belangrijk om hoogbegaafdheid bij je kind te herkennen en te erkennen. Dan gaat de ontwikkelingsvoorsprong zijn parten spelen. Een kind gaat zich vergelijken met leeftijdsgenoten. En de lesstof sluit niet aan op het niveau van het kind. Dit kan tot problemen leiden.’
Als je vermoedt dat je kind hoogbegaafd is...
Je kind loopt in alle opzichten voor op zijn leeftijdsgenootjes. Terwijl zijn vriendjes net 3 woorden brabbelen, praat je kind al in volzinnen. Ergens vermoed je dat je kind hoogbegaafd is. Wat moet je met zo’n vermoeden doen?
In de kindertijd spreken deskundigen meestal van een ontwikkelingsvoorsprong in plaats van hoogbegaafdheid. Een kind met een ontwikkelingsvoorsprong loopt op cognitief, spraak- en taaltechnisch en motorisch gebied voor op zijn leeftijdsgenoten. Wietske Idema, onderzoeker op het gebied van Onderwijs en Jeugd bij Regioplan en freelance auteur voor o.a. het tijdschrift Talent (tijdschrift over hoogbegaafde kinderen): ‘Dit verschil wordt pas echt goed duidelijk als je kind naar de kleuterschool of de basisschool gaat. Je komt erachter dat je kind opmerkelijk meer kan en weet dan zijn leeftijdsgenoten. Waarschijnlijk speelt je kind ook liever met oudere kinderen (ontwikkelingsgelijken), waardoor hij moeilijk integreert in zijn eigen groep. Het kind wordt gezien als sociaal moeilijk, omdat het ‘anders’ is dan de rest. ’
Observeren en in de gaten houdenVermoed je dat je kind hoogbegaafd is, dan is het zaak om je kind goed te observeren. Idema: ‘Je observaties zijn niet alleen belangrijk om je vermoeden te versterken, of eventueel af te zwakken. Ze kunnen tevens van pas komen als je te maken krijgt met de peuterleidster of de leerkracht in groep 1 als je een gesprek over je vermoedens aangaat.’
Blijf er niet lang mee lopen
Idema raadt ouders aan niet te lang met hun vermoedens rond te blijven lopen. ‘Tot een jaar of 3 heeft een hoogbegaafd kind het doorgaans nog naar zijn zin op de peuterspeelzaal. Maar daarna gaan zijn ontwikkelingsgelijken al naar de basisschool en hij of zij blijft over met kinderen die op een andere golflengte zitten. Hoogbegaafde kinderen die niet erkend en herkend worden, kunnen veel problemen ondervinden.’
Terug naar bedplassen en krassenZo kan je kind zich gaan aanpassen aan het niveau van zijn leeftijd, om zich niet anders te voelen. Dit betekent automatisch een grote achteruitgang in zijn ontwikkeling. In sommige gevallen gaan kinderen zich afzonderen, weer terug naar krassen in plaats van tekenen en bedplassen. Kinderen kunnen op een hinderlijke manier aandacht gaan vragen, omdat ze zich vervelen. Een leerkracht ziet dit eerder als storend dan als een signaal van ontwikkelingsvoorsprong. Op de lange termijn kan een hoogbegaafd kind zich diep ongelukkig voelen, doordat het altijd onder zijn eigen niveau werkt. Een kind kan gaan onderpresteren, zich terugtrekken in zijn eigen wereld en lui worden.’
OpschepperIdema: ‘Toch zijn veel ouders huiverig om hun vermoedens uit te spreken en naar een leerkracht te gaan. Geen ouder wil overkomen als een opschepper. Of als een bolleboos die zijn kind specialer vindt dan anderen. Maar dit is geen reden om je vermoedens voor je te houden. Een hoogbegaafd kind heeft echt onderwijs op maat nodig. Ieder mens wil zich graag omringen met ontwikkelingsgelijken. Dus ook hoogbegaafde kinderen. Ga daarom dat gesprek met de leerkracht aan en laat je niet gelijk afschepen. Nog niet elke school heeft een beleid op het gebied van hoogbegaafdheid. En niet elke leerkracht of kleuterleidster weet precies wat hoogbegaafdheid inhoudt. Dat een leraar het niet met je eens is, wil dus niet direct zeggen dat je vermoedens ongegrond zijn.’
Testen
De meest eenvoudige manier om je vermoedens te bevestigen of te ontkrachten, is door je kind te laten testen. Dit kan bij het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO) in Nijmegen. Een test geeft geen antwoord op alles, maar het kan wel meer duidelijkheid geven. Idema: ‘In het geval dat je kind hoogbegaafd is, kun je onderwijs op maat zoeken. Dit kan door je kind een klas over te laten slaan. Onderwijsmateriaal verbreden, verdiepen of verrijken is ook een goede optie. Het CBO of andere instanties kunnen ouders hierbij adviseren en helpen. Ook is het belangrijk dat leerkrachten op de hoogte zijn. En je kind aanmoedigt en waardering geeft. Zo blijft je kleine gemotiveerd. Want dat iemand hoogbegaafd is, wil niet zeggen dat hij of zij niets meer hoeft te leren. Dan staat zijn ontwikkeling stil. Talent kun je ook verliezen als er niets mee gedaan wordt.’
Geen probleem maar een kansHet gesprek met school, het testen en de twijfels kunnen voor ouders en kind een naar en langlopend proces zijn. Hierdoor wordt hoogbegaafdheid soms geproblematiseerd. Idema: ‘Het is zo jammer dat hoogbegaafdheid als een probleem wordt gezien in plaats van een kans. Veel mensen snappen de belevingswereld van een hoogbegaafd kind niet. Daarom concluderen ze maar dat zo’n kind sociaal moeilijk is. Terwijl een hoogbegaafd kind juist enorm veel talent en mogelijkheden heeft.’
Observeren en in de gaten houdenVermoed je dat je kind hoogbegaafd is, dan is het zaak om je kind goed te observeren. Idema: ‘Je observaties zijn niet alleen belangrijk om je vermoeden te versterken, of eventueel af te zwakken. Ze kunnen tevens van pas komen als je te maken krijgt met de peuterleidster of de leerkracht in groep 1 als je een gesprek over je vermoedens aangaat.’
Blijf er niet lang mee lopen
Idema raadt ouders aan niet te lang met hun vermoedens rond te blijven lopen. ‘Tot een jaar of 3 heeft een hoogbegaafd kind het doorgaans nog naar zijn zin op de peuterspeelzaal. Maar daarna gaan zijn ontwikkelingsgelijken al naar de basisschool en hij of zij blijft over met kinderen die op een andere golflengte zitten. Hoogbegaafde kinderen die niet erkend en herkend worden, kunnen veel problemen ondervinden.’
Terug naar bedplassen en krassenZo kan je kind zich gaan aanpassen aan het niveau van zijn leeftijd, om zich niet anders te voelen. Dit betekent automatisch een grote achteruitgang in zijn ontwikkeling. In sommige gevallen gaan kinderen zich afzonderen, weer terug naar krassen in plaats van tekenen en bedplassen. Kinderen kunnen op een hinderlijke manier aandacht gaan vragen, omdat ze zich vervelen. Een leerkracht ziet dit eerder als storend dan als een signaal van ontwikkelingsvoorsprong. Op de lange termijn kan een hoogbegaafd kind zich diep ongelukkig voelen, doordat het altijd onder zijn eigen niveau werkt. Een kind kan gaan onderpresteren, zich terugtrekken in zijn eigen wereld en lui worden.’
OpschepperIdema: ‘Toch zijn veel ouders huiverig om hun vermoedens uit te spreken en naar een leerkracht te gaan. Geen ouder wil overkomen als een opschepper. Of als een bolleboos die zijn kind specialer vindt dan anderen. Maar dit is geen reden om je vermoedens voor je te houden. Een hoogbegaafd kind heeft echt onderwijs op maat nodig. Ieder mens wil zich graag omringen met ontwikkelingsgelijken. Dus ook hoogbegaafde kinderen. Ga daarom dat gesprek met de leerkracht aan en laat je niet gelijk afschepen. Nog niet elke school heeft een beleid op het gebied van hoogbegaafdheid. En niet elke leerkracht of kleuterleidster weet precies wat hoogbegaafdheid inhoudt. Dat een leraar het niet met je eens is, wil dus niet direct zeggen dat je vermoedens ongegrond zijn.’
Testen
De meest eenvoudige manier om je vermoedens te bevestigen of te ontkrachten, is door je kind te laten testen. Dit kan bij het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek (CBO) in Nijmegen. Een test geeft geen antwoord op alles, maar het kan wel meer duidelijkheid geven. Idema: ‘In het geval dat je kind hoogbegaafd is, kun je onderwijs op maat zoeken. Dit kan door je kind een klas over te laten slaan. Onderwijsmateriaal verbreden, verdiepen of verrijken is ook een goede optie. Het CBO of andere instanties kunnen ouders hierbij adviseren en helpen. Ook is het belangrijk dat leerkrachten op de hoogte zijn. En je kind aanmoedigt en waardering geeft. Zo blijft je kleine gemotiveerd. Want dat iemand hoogbegaafd is, wil niet zeggen dat hij of zij niets meer hoeft te leren. Dan staat zijn ontwikkeling stil. Talent kun je ook verliezen als er niets mee gedaan wordt.’
Geen probleem maar een kansHet gesprek met school, het testen en de twijfels kunnen voor ouders en kind een naar en langlopend proces zijn. Hierdoor wordt hoogbegaafdheid soms geproblematiseerd. Idema: ‘Het is zo jammer dat hoogbegaafdheid als een probleem wordt gezien in plaats van een kans. Veel mensen snappen de belevingswereld van een hoogbegaafd kind niet. Daarom concluderen ze maar dat zo’n kind sociaal moeilijk is. Terwijl een hoogbegaafd kind juist enorm veel talent en mogelijkheden heeft.’
Hoogbegaafdheid en Autisme
Bij autisme lijkt er een grote overlapping te zijn met Hoogbegaafdheid. Een hele hoop lijstjes met kenmerken komen op veel punten overeen. De vraag is alleen: “Waardoor ontstaan die 'kenmerken'? ” Komen die daadwerkelijk door eenaangeboren afwijking of komen ze door een vreemd verlopen ontwikkeling. Hoogbegaafde kinderen worden vaak niet begrepen waardoor ze zich dus anders gaan ontwikkelen dan dat ze normaal gedaan zouden hebben. Dit heeft echter niets met autisme te maken.
Overeenkomsten
De overeenkomsten tussen Autisme en Hoogbegaafdheid zijn er velen. Waaronder bijvoorbeeld (als kind) het weinige contact met leeftijdsgenootjes en het willen praten met oudere mensen. Ook zijn mensen met Autisme of Hoogbegaafdheid vaak rustiger en serieuzer dan andere mensen.
Autisten zijn vaak geïnteresseerd in veel details, dan blijven ze de hele tijd over één enkel onderwerp doorvragen omdat ze overal de 'waarom' van willen weten. Ook denken ze vaak na over de kern van zaken en hebben ze veel theorieën over hoe iets in elkaar zou kunnen zitten. Ze kunnen vaak moeilijk over alledaagse dingen praten, terwijl ze veel langer kunnen doorgaan over diepere dingen.
Zowel hoogbegaafden als autisten zijn vaak sterker emotioneel geraakt dan andere mensen en ontwikkelen zich andersom, eerst rationeel en dan emotioneel. Dat betekent dat ze eerst veel gaan denken over dingen als God en de zin van het leven en daarna pas over bv. vriendjes en verkering. Later komt dat vaak wel samen zodat ze rond hun 36e jaar op gelijk niveau met andere mensen zitten.
Ook hebben ze beiden vaak last van verveling, hebben ze meer last van hun eigen problemen (omdat ze daar dieper over nadenken) en zien ze sneller waar dingen fout zijn gelopen.
Verschillen
Maar er zijn ook verschillen te zien tussen een autistisch kind en een hoogbegaafd kind. Allereerst hebben autistische kinderen erg veel moeite met het afwijken van de dagelijkse routine, alle kinderen hebben hier moeite mee maar minder dan een autist. Hoogbegaafden kunnen dit juist makkelijker omdat ze flexibeler zijn.
Het letterlijk nemen van figuurlijk taalgebruik is komt zowel bij autistische kinderen voor als bij hoogbegaafden. Het verschil daartussen is wel dat hoogbegaafden door het letterlijk te nemen, juist laten zien dat ze de dubbelheid snappen. Autistische kinderen snappen die dubbelheid helemaal niet en zullen dus ook oprecht verbaasd opmerken dat een schoen geen neus heeft of een berg geen voet.
Zeer hoge intelligentie en autisme
Er zijn ook echt hoogbegaafde autisten, die hebben vaak een zeer hoog IQ. Soms zelfs hoger dan de testen kunnen meten. Bij hun er een bepaald aspect erg ver ontwikkeld zoals het taal of wiskundig gevoel. De sociale kennis en de sociale vaardigheden blijven vaak ver achter door het autisme. Bij die mensen kan je goed zien dat een combinatie tussen hoogbegaafdheid en autisme mogelijk is. Het is alleen niet gemakkelijk om daarmee te leven. Een hoog IQ is geen garantie voor een goede plaats in de maatschappij.
Omgang met Hoogbegaafde Autisten
Met autisten moet je vooral erg rustig omgaan, het moet in een kamer niet te druk zijn, anders is de autist erg snel afgeleid, dit hangt echter ook af van de mate van het autisme. Ook moeten gewone autisten vaak veel regelmaat hebben in wat ze doen, anders kunnen ze flink in de war raken. Vaak snappen autisten iets na een keer uitleggen niet meteen wat je bedoelt, dan moet je natuurlijk niet boos worden, want autisten worden dan zelf ook boos, en dat kan wel dagen duren voordat dat over is.
Hoogbegaafde Autisten hebben echter wel een iets andere aanpak nodig. Zo hebben hoogbegaafde autisten niet zo'n grote regelmaat nodig als echte "autisten". Het lijkt me wel goed voor hoogbegaafde autisten om hen een rustige omgeving te geven en niet snel boos te worden, want hierdoor kan de hoogbegaafde autist erg van streek raken.
Overeenkomsten
De overeenkomsten tussen Autisme en Hoogbegaafdheid zijn er velen. Waaronder bijvoorbeeld (als kind) het weinige contact met leeftijdsgenootjes en het willen praten met oudere mensen. Ook zijn mensen met Autisme of Hoogbegaafdheid vaak rustiger en serieuzer dan andere mensen.
Autisten zijn vaak geïnteresseerd in veel details, dan blijven ze de hele tijd over één enkel onderwerp doorvragen omdat ze overal de 'waarom' van willen weten. Ook denken ze vaak na over de kern van zaken en hebben ze veel theorieën over hoe iets in elkaar zou kunnen zitten. Ze kunnen vaak moeilijk over alledaagse dingen praten, terwijl ze veel langer kunnen doorgaan over diepere dingen.
Zowel hoogbegaafden als autisten zijn vaak sterker emotioneel geraakt dan andere mensen en ontwikkelen zich andersom, eerst rationeel en dan emotioneel. Dat betekent dat ze eerst veel gaan denken over dingen als God en de zin van het leven en daarna pas over bv. vriendjes en verkering. Later komt dat vaak wel samen zodat ze rond hun 36e jaar op gelijk niveau met andere mensen zitten.
Ook hebben ze beiden vaak last van verveling, hebben ze meer last van hun eigen problemen (omdat ze daar dieper over nadenken) en zien ze sneller waar dingen fout zijn gelopen.
Verschillen
Maar er zijn ook verschillen te zien tussen een autistisch kind en een hoogbegaafd kind. Allereerst hebben autistische kinderen erg veel moeite met het afwijken van de dagelijkse routine, alle kinderen hebben hier moeite mee maar minder dan een autist. Hoogbegaafden kunnen dit juist makkelijker omdat ze flexibeler zijn.
Het letterlijk nemen van figuurlijk taalgebruik is komt zowel bij autistische kinderen voor als bij hoogbegaafden. Het verschil daartussen is wel dat hoogbegaafden door het letterlijk te nemen, juist laten zien dat ze de dubbelheid snappen. Autistische kinderen snappen die dubbelheid helemaal niet en zullen dus ook oprecht verbaasd opmerken dat een schoen geen neus heeft of een berg geen voet.
Zeer hoge intelligentie en autisme
Er zijn ook echt hoogbegaafde autisten, die hebben vaak een zeer hoog IQ. Soms zelfs hoger dan de testen kunnen meten. Bij hun er een bepaald aspect erg ver ontwikkeld zoals het taal of wiskundig gevoel. De sociale kennis en de sociale vaardigheden blijven vaak ver achter door het autisme. Bij die mensen kan je goed zien dat een combinatie tussen hoogbegaafdheid en autisme mogelijk is. Het is alleen niet gemakkelijk om daarmee te leven. Een hoog IQ is geen garantie voor een goede plaats in de maatschappij.
Omgang met Hoogbegaafde Autisten
Met autisten moet je vooral erg rustig omgaan, het moet in een kamer niet te druk zijn, anders is de autist erg snel afgeleid, dit hangt echter ook af van de mate van het autisme. Ook moeten gewone autisten vaak veel regelmaat hebben in wat ze doen, anders kunnen ze flink in de war raken. Vaak snappen autisten iets na een keer uitleggen niet meteen wat je bedoelt, dan moet je natuurlijk niet boos worden, want autisten worden dan zelf ook boos, en dat kan wel dagen duren voordat dat over is.
Hoogbegaafde Autisten hebben echter wel een iets andere aanpak nodig. Zo hebben hoogbegaafde autisten niet zo'n grote regelmaat nodig als echte "autisten". Het lijkt me wel goed voor hoogbegaafde autisten om hen een rustige omgeving te geven en niet snel boos te worden, want hierdoor kan de hoogbegaafde autist erg van streek raken.
Begaafdheidskenmerken
Het is moeilijk om te spreken over dé eigenschappen van (hoog)begaafde leerlingen, omdat ook deze kinderen uniek zijn. Hun eigenschappen kunnen onderling erg verschillen en soms zelfs tegenovergesteld zijn. Zo is bijvoorbeeld de ene (hoog)begaafde leerling op sociaal gebied erg sterk, terwijl een andere (hoog)begaafde leerling juist erg op zichzelf is gericht. De ene (hoog)begaafde leerling toont zicht bijvoorbeeld erg leergierig, terwijl een andere (hoog)begaafde leerling door een inadequaat onderwijsaanbod het plezier in leren misschien verloren heeft en dit niet (meer) laat zien.
Hieronder staat een overzicht van veel voorkomende eigenschappen, zoals die in de literatuur genoemd worden. Een (hoog)begaafde leerling hoeft niet alle eigenschappen in onderstaand overzicht te bezitten. Het omgekeerde is ook het geval: als iemand één of meerdere van deze gedragsaspecten vertoont, hoeft dit niet automatisch te betekenen dat hij/zij (hoog)begaafd is.
Het is van belang de eigenschappen op het niveau van een individuele leerling in samenhang met elkaar te bekijken. De profielen van Betts & Neihart bieden hiervoor bruikbare aanknopingspunten.
Voor een overzicht van de eigenschappen in de literatuur klikt u hier.
SLO Landelijk informatiepunt (hoog)begaafdheidHet is van belang de eigenschappen op het niveau van een individuele leerling in samenhang met elkaar te bekijken. De profielen van Betts & Neihart bieden hiervoor bruikbare aanknopingspunten.
Voor een overzicht van de eigenschappen in de literatuur klikt u hier.
| Kenmerken van (hoog)begaafde leerlingen | ||
| 1. | Hoge intelligentie | (Hoog)begaafde leerlingen beschikken over hoge intellectuele capaciteiten. Een hoge score op een intelligentietest (IQ > 130) of hoge prestaties op andere test is hiervan een indicatie. |
| 2. | Vroege ontwikkeling | (Hoog)begaafde leerlingen zijn geestelijk vroegrijp en worden gekenmerkt door een ontwikkelingsvoorsprong. Zij kunnen meestal op vroege leeftijd al lezen, praten, schrijven en hebben een vroege ontwikkeling van getalbegrip. Hierdoor kunnen zij zich gemakkelijk leerstof uit hogere leerjaren eigen maken. Ook stellen zij op jonge leeftijd al levensbeschouwelijke vragen en denken zij al vroeg na over de zin van het leven. |
| 3. | Uitblinken op één of meerdere gebieden | Een bijzondere begaafdheid kan tot uitdrukking komen in motorische, sociale, artistieke en intellectuele vaardigheden. Vaak treden deze begaafdheidsvormen gecombineerd op en blinken (hoog)begaafde leerlingen uit in meerdere gebieden, zoals bijvoorbeeld in taal en wiskunde. (Hoog)begaafde leerlingen hebben op taalgebied een grote woordenschat en vertonen een zeer goed en adequaat woordgebruik. |
| 4. | Gemakkelijk kunnen leren | (Hoog)begaafde leerlingen hebben over het algemeen een zeer goed geheugen en kunnen hierdoor goed informatie onthouden en verwerken. Zij begrijpen nieuwe leerstof dan ook aanzienlijk sneller dan gemiddelde leerlingen en zijn daardoor sneller klaar met opdrachten en huiswerk. Hierdoor hebben zij vaak een leertempo dat beduidend hoger is dan het tempo van de gemiddelde leerling. |
| 5. | Goed leggen van (causale) verbanden | (Hoog)begaafde leerlingen kunnen gemakkelijk (causale) verbanden leggen en hebben hierover een goed overzicht. |
| 6. | Het makkelijk kunnen analyseren van problemen | (Hoog)begaafde leerlingen zijn snelle probleemanalyseerders. Zij kunnen snel vaststellen wat de aard van een probleem is. Daarnaast zijn (hoog)begaafde leerlingen vaak vindingrijk in het ontwikkelen van eigen oplossingsmethoden. Dit kan soms problemen opleveren als zij zich een verkeerde oplossingsmethode hebben aangeleerd, omdat zij deze methode moeilijk weer los kunnen laten. |
| 7. | Het maken van grote denk-sprongen | Een (hoog)begaafde leerling maakt grotere leerstappen en heeft daarom minder tijd nodig. |
| 8. | Voorkeur voor abstractie | (Hoog)begaafde leerlingen kunnen goed abstract denken. Zij generaliseren gemakkelijker dan hun andere klasgenoten en hebben een goed overzicht van de kennisgehelen. Zij hebben geen behoefte aan concretisering van de lesstof door het gebruik van voorbeelden |
| 9. | Hoge mate van zelfstandigheid | (Hoog)begaafde leerlingen willen liever niet geholpen worden en geven de voorkeur aan zelfstandig werken. Bij het werken in groepsverband vertoont de (hoog)begaafde leerling veel initiatief en neemt hij/zij vaak de leiding. Bovendien wil de leerling dingen graag op zijn/haar eigen wijze doen, zoals het zelf bedenken van een methode voor het uitrekenen van sommen. |
| 10 | Brede of juist specifieke interesse / hoge motivatie / veel energie | Het is belangrijk dat het onderwerp van de opdracht de leerling interesseert. Bij (hoog)begaafde leerlingen is namelijk het kunnen een voorwaarde, maar het willen van even groot belang. Als het onderwerp aansluit bij de interesse van de leerling, dan is motivatie verzekerd. Er is aangetoond dat talent pas doorzet als de leerlingen plezier beleven aan de (leer)activiteiten. Een kenmerk van (hoog)begaafde leerlingen is dat zij zeer leergierig zijn. Als een onderwerp de leerling interesseert dan pluist hij het onderwerp vaak tot op de bodem uit. Maar het tegenovergestelde geldt ook: als een (hoog)begaafde leerling geen interesse heeft voor een bepaald onderwerp, dan kan hij moeilijk de motivatie opbrengen om zich erin te verdiepen. |
| 11 | Creatief/origineel | In de opdrachten laten (hoog)begaafde leerlingen vaak zien dat zij originele en creatieve ideeën en/of oplossingen hebben. Zij maken onverwachte zijsprongen en hebben grote verbeeldingskracht. |
| 12 | Perfectionistisch | (Hoog)begaafde leerlingen zijn perfectionistisch aangelegd. Zij houden niet van half werk. |
| 13 | Apart gevoel voor humor | (Hoog)begaafde leerlingen bezitten over het algemeen een apart gevoel voor humor. |
| 14 | Hoge mate van concentratie | (Hoog)begaafde leerlingen kennen een hoge mate van concentratie en hebben daarbij een langere aandachtsspanne dan de gemiddelde leerlingen. |
Abonneren op:
Posts (Atom)